Algemene
tips
Voordat
u begint met kalligraferen is het goed een aantal tips tot u te nemen.
• Linkshandigheid hoeft geen beletsel te zijn om te kunnen kalligraferen.
U moet alleen even de manier vinden waarop u het makkelijkste schrijft.
De tips hieronder zijn geschreven voor rechtshandige schrijvers: linkshandigen
passen het aan hun situatie aan.
• Ga altijd aan een rechte tafel zitten
• Beide voeten op de grond, beide armen op tafel. Schrijven met
de rechterhand en het papier vasthouden met de linkerhand.
• Licht van links: anders schrijft u in uw eigen schaduw
• Een schrijfplank is geen overbodige luxe: uw houding is beter
en u hebt een beter overzicht op uw werk
• Zet de verf of inkt rechts van u. Om omvallen te voorkomen plaats
u het potje bv in een plastic bakje.
• Om het wegrollen van de pen te voorkomen maakt u wat inkepingen
in een dubbel gevouwen kartonnetje. Hier kunt u veilig uw pen in laten
rusten.
• Leg het voorbeeld altijd direct naast uw eigen werk: steeds
blijven controleren
• Leg een kladpapiertje rechts naast u: de eerste streek kunt
dan daarop even uitproberen
• Leg ALTIJD iets onder uw schrijfhand: een velletje papier of
een tissue. Uw hand is namelijk altijd iets vettig of vochtig. Het zou
uw schrijfpapier kunnen ‘bezoedelen’. De inkt of verf gaat
dan parelen.
• Probeer rust te creëren: laat iemand anders de deurbel
of telefoon beantwoorden. Het is heel vervelend om uw regelmaat te moeten
onderbreken.
• Lijnen trekt u met een H potlood: niet hard duwen want dan krijgt
u moeten in het papier. Het harde potlood geeft een mooie dunne lijn;
een zacht potlood wordt al gauw een paar mm dik en dat kan soms behoorlijk
onnauwkeurig zijn
• Verwijder de potloodlijnen pas een dag later. En doe het dan
met beleid: snijd een puntje aan uw gum en veeg tussen de letters. Zo
voorkomt u dat de verf of inkt van de letters alsnog vieze vegen veroorzaken.
• Oefenen kunt u op gewoon kopieer papier. Maar oefen ook op papier
van betere kwaliteit. Immers, als u mooi werk maakt gebruikt u beter
papier: dit moet u ook verkennen.
• Oefenen is kilometers maken. Schrijf niet steeds losse letters
maar oefen zo snel mogelijk woorden. Probeer behalve te oefenen elke
dag tenminste 1 werkstukje te maken. Een werkstuk maken wekt meestal
een bepaalde druk op; immers het moet goed en netjes. Zo kunt u daaraan
wennen.
• Schrijft u met plakkaatverf dan moet u dit regelmatig omroeren
om te voorkomen dat het pigment naar beneden zakt.
• Vulpennen zijn ideaal om te oefenen: u kunt er direct mee schrijven.
Af en toe in een sopje leggen om ze schoon te maken. Alleen vullen met
vulpeninkt!
Nadeel van vulpennen is dat het lastig is om even snel van kleur te
veranderen: u moet dan eerst de andere kleur uit de kop verwijderen
door heel veel te spoelen.
Ook geven vulpennen niet zo’n mooie dunne lijn als losse pennen.
En ze zijn duurder!
• Losse pennen spoelt u na gebruik af met water, eventueel met
een oude tandenborstel afborstelen, goed afdrogen en hij is weer klaar
voor gebruik.
• Als u fouten hebt gemaakt: wegkrabben met een scherp mesje.
Dit werkt alleen als de verf droog is en het papier dik genoeg.
Of u ‘wit’ het weg met witte verf.
En anders: gewoon overschrijven!